Net buiten het centrum van Dinant werd eind 19e eeuw een slotklooster opgericht door de Dominicanenzusters, op een site aan de linkeroever. In 1902 werd het neogotisch klooster in gebruik genomen en zal vanaf dan bijna honderd jaar fungeren als slotklooster. In de volksmond kende men dit klooster als “Couvent de Bethléem” oftewel “Bethlehemklooster”. De zusters leefden afgesloten van de buitenwereld en waren geheel zelfvoorzienend. In 1991 verlieten de laatste zusters de gebouwen.
Het voormalig klooster werd in het begin van de 20e eeuw gerestaureerd en herbestemd tot hotel met expositieruimte. De binnenkoer werd overkapt met een glazen dakconstructie en omgevormd tot restaurant. De voormalige kapel van het complex is omgebouwd tot het Leffe-museum, waarbij alle authentieke elementen zoals de glas-in-loodramen, koorbanken en kruisribgewelven behouden zijn gebleven.